Waarom deze tofu-stirfry met broccoli en cashewnoten je nieuwe favoriete weekavond-maaltijd wordt
Vorige week stond ik voor mijn koelkast en staarde naar een blok tofu dat al twee dagen op me lag te wachten. Mijn partner keek me aan en zei: “Niet weer dat saaie tofu-gerecht, toch?” Dat was het moment waarop ik besloot om tofu een echte glow-up te geven. Het resultaat? Een super krokante tofu-stirfry met broccoli en cashewnoten waar zelfs de grootste tofu-twijfelaars van smullen.
Ik maak dit gerecht minstens twee keer per maand. Waarom? Het is klaar in minder dan 30 minuten, zit bomvol voedingsstoffen en kost me maar een paar euro per portie. De combinatie van knapperige tofu, verse broccoli en nootachtige cashewnoten maakt het een complete maaltijd waar ik nooit op uitgekeken raak. Mijn kinderen vragen er zelfs om, wat voor een plantaardig gerecht een klein wonder is.
We gaan vandaag samen een heerlijke tofu-stirfry met broccoli en cashewnoten maken. Je leert hoe je tofu zo krokant krijgt dat het bijna op kippennuggets lijkt. Ik laat je zien welke simpele trucjes het verschil maken tussen slappe en super knapperige tofu. En het mooie is: je hebt geen speciale ingrediënten of dure keukenapparatuur nodig.
Dit gerecht zit vol met voordelen. Tofu geeft je veel plantaardig eiwit zonder verzadigde vetten. Broccoli zit propvol vitamines en vezels. Cashewnoten voegen gezonde vetten en een lekkere bite toe. Het is een maaltijd die je energie geeft zonder dat je je daarna zwaar voelt. Perfect dus voor drukke doordeweekse dagen.
De geheimen om tofu echt krokant te bakken
Laten we eerlijk zijn: niemand houdt van weke, sponsachtige tofu. Het is het nummer één argument dat ik hoor van mensen die tofu niet lekker vinden. Maar het probleem is niet de tofu zelf, maar de manier waarop je het bereidt. Met de juiste aanpak krijg je tofu zo krokant dat je niet kunt stoppen met eten.
Het belangrijkste geheim zit in het verwijderen van overtollig vocht. Tofu is als een spons die water vasthoudt. Als je dat water niet verwijdert, krijg je nooit die knapperige korst waar we allemaal van houden. Ik leg mijn tofublok altijd tussen een paar papieren handdoeken en druk er voorzichtig op met een zwaar voorwerp. Een grote koekenpan of een stapel borden werkt perfect. Laat het zo 15 tot 20 minuten staan.
Na het persen snij ik de tofu in blokjes van ongeveer 2 centimeter. Niet te klein, anders vallen ze uit elkaar. Niet te groot, want dan worden ze niet goed krokant. Deze maat is precies goed voor een tofu-stirfry. Sommige mensen marineren hun tofu uren van tevoren, maar dat is niet echt nodig voor dit recept. De saus die we later toevoegen geeft al genoeg smaak.
Hier komen mijn beste tips voor extra krokante tofu:
- Gebruik altijd stevige tofu of extra stevige tofu, nooit de zachte variant
- Bestrooi de tofublokjes met een beetje maïzena voordat je ze gaat bakken
- Gebruik genoeg olie in een goed hete pan
- Raak de tofu niet te vaak aan tijdens het bakken
- Zorg dat de blokjes ruimte hebben in de pan, stop ze niet te dicht op elkaar
- Bak ze op middelhoog tot hoog vuur voor die perfecte korst
De maïzena-truc heb ik geleerd van een Aziatisch restaurant in mijn buurt. Het maakt zo’n verschil! De maïzena absorbeert het laatste beetje vocht en zorgt voor een dunne, krokante laag. Je hebt maar een eetlepel of twee nodig. Gooi de tofublokjes in een kom met de maïzena en schud ze zachtjes door elkaar tot alles bedekt is.
Stap voor stap: zo bak je tofu als een pro
Nu komt het echte werk. Verwarm een grote koekenpan of wok op middelhoog vuur. Ik gebruik graag een wok omdat de hoge zijkanten het makkelijker maken om alles door elkaar te scheppen. Voeg 2 tot 3 eetlepels plantaardige olie toe. Sesamolie geeft een heerlijke nootachtige smaak, maar gewone zonnebloemolie werkt ook prima.
Wacht tot de olie goed heet is. Je kunt dit testen door een klein stukje tofu in de pan te gooien. Als het meteen begint te sissen, is de pan klaar. Leg dan voorzichtig alle tofublokjes in de pan. Verdeel ze goed zodat ze niet op elkaar liggen. Dit is echt belangrijk voor een gelijkmatige korst.
Hier komt het moeilijkste deel: laat de tofu met rust. Ik weet dat het verleidelijk is om meteen te gaan roeren, maar weersta die verleiding. Laat de blokjes 3 tot 4 minuten ongemoeid liggen. Ze moeten een mooie goudbruine kleur krijgen aan de onderkant. Je hoort ze lekker sissen in de pan.
Na 3 tot 4 minuten draai je de blokjes om met een spatel. Niet alle kanten hoeven perfect bruin te zijn, maar probeer wel minstens twee of drie zijden mooi krokant te krijgen. Dit proces duurt in totaal ongeveer 12 tot 15 minuten. Geduld is hier je beste vriend.
Wanneer de tofu van alle kanten mooi bruin en krokant is, haal je het uit de pan en leg je het op een bord met keukenpapier. Dit absorbeert overtollige olie. Een foutje dat veel mensen maken is de tofu in de pan laten terwijl je de groenten toevoegt. Dan wordt de tofu weer zacht door het vocht uit de groenten.
Waarom gekoekte tofu de beste keuze is voor stirfry’s
Misschien heb je gehoord dat sommige mensen hun tofu eerst koken voordat ze het bakken. Klinkt gek, maar het heeft echt voordelen. Door tofu 5 minuten te koken in licht gezouten water verander je de textuur. Het wordt steviger en blijft beter zijn vorm behouden tijdens het bakken.
Gekoekte tofu absorbeert ook minder olie. Dat betekent dat je maaltijd minder vet bevat maar nog steeds krokant is. Voor een stirfry met tofu is dit ideaal omdat je vaak ook nog saus toevoegt. Je wilt niet dat alles te zwaar of te vettig wordt.
Ik kook mijn tofu niet altijd, eerlijk gezegd. Op drukke avonden sla ik deze stap over. Maar als ik tijd heb, merk ik echt een verschil. De tofu wordt bijna vleziger van textuur. Het lijkt meer op kip of garnalen, wat het voor beginnende tofu-eters makkelijker maakt om van te houden.
Als je het wilt proberen: breng een pan water aan de kook, voeg een theelepel zout toe en laat de tofublokjes 5 minuten zachtjes koken. Giet ze af en dep ze droog met keukenpapier. Daarna behandel je ze gewoon zoals ik hierboven beschreef. De extra tijd is het echt waard als je tofu wilt maken die zelfs tofu-haters overtuigt.
Waarom tofu zo goed voor je is
Tofu krijgt soms een slecht imago, maar het is eigenlijk een superfood. Een portie van 100 gram bevat ongeveer 8 gram eiwit. Dat is evenveel als een ei! En het zit vol met alle essentiële aminozuren die je lichaam nodig heeft. Voor mensen die minder vlees willen eten is tofu een ideale eiwitbron.
Het mooie van tofu is dat het bijna geen verzadigde vetten bevat. In plaats daarvan zit het vol met onverzadigde vetten die goed zijn voor je hart. Mijn vader heeft hoog cholesterol en zijn arts raadde hem aan meer plantaardige eiwitten te eten. Deze tofu-stirfry met broccoli staat nu elke week op zijn menu.
Tofu bevat ook veel calcium, vooral als het gemaakt is met calciumsulfaat. Dat staat meestal op het pakje. IJzer, magnesium en fosfor zitten er ook in. Dit zijn allemaal mineralen waar veel mensen te weinig van binnenkrijgen. Een portie tofu helpt je dagelijkse behoefte te dekken.
Hier zijn nog meer voordelen van tofu in je eetpatroon:
- Het is betaalbaar – vaak goedkoper dan vlees of vis
- Het is veelzijdig en neemt elke smaak die je eraan toevoegt aan
- Het is milieuvriendelijker dan de meeste dierlijke eiwitten
- Het bevat isoflavonen die goed kunnen zijn voor je gezondheid
- Het is makkelijk verteerbaar voor de meeste mensen
Sommige mensen maken zich zorgen over soja en hormonen, maar recent onderzoek laat zien dat normale hoeveelheden tofu veilig zijn voor bijna iedereen. Ik eet het al jaren meerdere keren per week en voel me er prima bij. Natuurlijk is het altijd slim om met je arts te praten als je specifieke gezondheidsvragen hebt.
Het fijne aan een tofu-stirfry met cashewnoten is dat je meerdere eiwitbronnen combineert. De cashewnoten voegen extra eiwit en gezonde vetten toe. Samen met de broccoli heb je een complete maaltijd die je lichaam alle bouwstoffen geeft die het nodig heeft. En het smaakt zo lekker dat je vergeet dat het ook nog eens gezond is.
De ingrediënten die je nodig hebt voor een perfecte tofu-stirfry
Nu je weet hoe je tofu krokant krijgt, is het tijd om te kijken naar de rest van de ingrediënten. Het mooie van dit recept is dat je waarschijnlijk al de helft in huis hebt. Vorige maand had ik onverwacht bezoek en deze stirfry gered mijn avond. Binnen tien minuten had ik alles bij elkaar gezocht uit mijn koelkast en voorraadkast.
Voor vier personen heb je het volgende nodig: 400 gram stevige tofu, een grote broccoli (of twee kleinere), 100 gram cashewnoten, twee uien, drie teentjes knoflook, een stuk verse gember van ongeveer 3 centimeter, en natuurlijk olie om in te bakken. Voor de saus heb je sojasaus, rijstazijn, honing of ahornsiroop, en maïzena nodig. Simpel, toch?
Ik koop mijn tofu meestal bij de gewone supermarkt. Het zit vaak in het koelvak bij de vegetarische producten. Sommige mensen denken dat je naar een toko moet voor goede tofu, maar dat is echt niet nodig. De biologische tofu van de supermarkt is prima. Hij kost meestal tussen de 2 en 3 euro per pak.
Voor de cashewnoten gebruik ik altijd ongezouten en ongebrande noten. Die bak ik zelf even in de pan voordat ik begin. Het geeft zo’n lekker nootachtig aroma aan je hele keuken. Mijn buurvrouw klopt altijd aan als ik dit gerecht maak omdat het zo heerlijk ruikt.
Broccoli en groenten perfect voorbereiden
Broccoli is de ster van deze stirfry naast de tofu. Ik was het altijd eerst goed onder de koude kraan. Broccoli kan best zanderig zijn tussen de roosjes. Schud het goed uit zodat je geen verrassingen krijgt tijdens het eten.
Voor het snijden gebruik ik een simpele truc. Snij eerst de grote stam eraf, die kun je apart bewaren. Veel mensen gooien die weg, maar dat is zonde. Je kunt hem schillen en in dunne plakjes snijden voor in soep of roerbakken. Voor deze stirfry met broccoli snij ik de roosjes in hapklare stukjes van ongeveer 3 centimeter.
De maat van je broccoliroosjes maakt echt verschil. Te groot en ze worden niet gaar. Te klein en ze worden pap. Ik probeer ze allemaal ongeveer even groot te maken zodat ze tegelijk gaar zijn. Dat leerde ik de harde manier toen ik ooit de helft rauw en de andere helft tot moes had gebakken.
Sommige mensen stomen hun broccoli eerst, maar dat doe ik niet voor een stirfry. De broccoli wordt knapperig en precies goed in de wok. Als je hem eerst stoomt verliest hij die bite. En dat knapperige is nou juist wat dit gerecht zo lekker maakt. Net zoals bij de groente-paella met saffraan waar de groenten ook hun textuur moeten behouden.
Je kunt trouwens best andere groenten toevoegen. Ik gooi er soms paprika, champignons of peultjes bij. Wat ik toevallig in huis heb. Deze tofu-stirfry is super flexibel. Vorige week had ik geen broccoli en gebruikte ik bloemkool. Werkte ook perfect.
Het snijden van uien, knoflook en gember
Nu komen we bij de aromaten. Dit is waar de echte smaak vandaan komt. Ik begon vroeger altijd met uien snijden en dan stond ik te huilen boven mijn snijplank. Mijn oma gaf me een tip: stop je snijplank en mes even in de vriezer voordat je begint. Het helpt echt een beetje.
Voor deze stirfry snij ik de uien in halve ringen. Niet te dun, want dan verbranden ze te snel. Ongeveer een halve centimeter dik is goed. Ik houd van de zoete smaak die goed gebakken uien geven. Het contrasteert mooi met de hartige tofu en krokante broccoli.
Knoflook is essentieel in bijna elke stirfry. Ik gebruik altijd verse knoflook, nooit dat spul uit een potje. Het smaakverschil is enorm. Pel drie teentjes en hak ze fijn. Sommige mensen gebruiken een knoflookpers, maar ik vind het te omslachtig om schoon te maken. Een scherp mes doet hetzelfde werk in minder tijd.
Gember is misschien het belangrijkste ingredient voor authentieke smaak. Vers gember vind je bij elke supermarkt, meestal bij de exotische groenten. Je hoeft de schil niet eens te verwijderen als je biologische gember hebt. Ik schraap hem er meestal wel af met een theelepel. Ja, een theelepel! Die glijdt perfect langs de vorm van de gember.
Rasp of snij de gember heel fijn. Je wilt kleine stukjes die hun smaak afgeven maar niet tussen je tanden blijven hangen. Gember geeft zo’n heerlijk fris, een beetje pittig aroma. Het tilt dit gerecht naar een hoger niveau. Zonder gember is het gewoon oké, met gember is het fantastisch.
Cashewnoten roosteren voor extra smaak
Cashewnoten zijn niet gewoon een toevoeging, ze zijn een gamechanger. De eerste keer dat ik ze vergat dacht ik: maakt toch niet uit? Maar mijn partner merkte het meteen. “Er mist iets,” zei hij na de eerste hap. Hij had gelijk.
Ik rooster de cashewnoten altijd zelf. Het duurt maar een paar minuten en het verschil is gigantisch. Verwarm een droge koekenpan op middelhoog vuur. Geen olie, gewoon de noten rechtstreeks in de pan. Schud ze regelmatig heen en weer zodat ze niet verbranden.
Na ongeveer 4 tot 5 minuten worden ze lichtbruin en beginnen ze een nootachtige geur af te geven. Let goed op, want ze gaan van perfect naar verbrand in ongeveer 20 seconden. Ik ben niet trots op het aantal keren dat ik te lang naar mijn telefoon keek en verbrande noten had.
Zodra ze mooi goudbruin zijn, giet je ze op een bord. Laat ze even afkoelen. Ze worden knapperiger als ze afkoelen. Ik moet mezelf altijd weerhouden om ze niet meteen op te eten. Warme geroosterde cashewnoten zijn verslavend.
Waarom zijn cashewnoten zo goed in deze tofu-stirfry met cashewnoten? Ten eerste geven ze een heerlijke crunch. Ten tweede voegen ze gezonde vetten toe die je langer verzadigd houden. Ten derde bevatten ze mineralen zoals magnesium en zink. En ten vierde, laten we eerlijk zijn, ze maken het gerecht gewoon luxer. Net zoals pijnboompitten een spinazie-ricottataart net dat beetje extra geven.
Het samenstellen van je stirfry in de juiste volgorde
Timing is alles bij een stirfry. Mijn eerste poging was een ramp omdat ik alles tegelijk in de pan gooide. Het resultaat was een warrige brei waarin sommige dingen rauw en andere dingen verbrand waren. Nu weet ik beter.
Begin met je tofu die inmiddels krokant en bruin is en aan de kant staat. Houd dezelfde pan of wok die je voor de tofu gebruikte. Er zitten nog smaakstoffen in die pan. Voeg eventueel een klein beetje extra olie toe als de pan droog is.
Gooi eerst de uien erin. Bak ze 2 tot 3 minuten tot ze zacht beginnen te worden en een beetje glazig zijn. Dan voeg je de knoflook en gember toe. Deze hebben maar een minuut of zo nodig. Langer en ze worden bitter. Ik roer constant als de knoflook en gember erin zitten.
Nu komt de broccoli. Die heeft iets meer tijd nodig, ongeveer 5 tot 6 minuten. Roer regelmatig maar niet constant. Je wilt dat de broccoli een beetje aanbruint op sommige plekken. Dat geeft heerlijke gerookte smaken. Mijn kinderen noemen het “de knapperige stukjes” en vechten erom.
Hier is de truc die ik van een Chinese vriend leerde: voeg twee eetlepels water toe en dek de pan even af. Dit stoomt de broccoli licht terwijl hij ook bakt. Na een minuut haal je het deksel eraf en laat het vocht verdampen. De broccoli is dan perfect gaar maar nog steeds knapperig.
De saus die alles samenbrengt
Een stirfry zonder goede saus is zoals een burger zonder saus, gewoon niet compleet. De saus bindt alle smaken en zorgt dat alles mooi glanst. Mijn saus is simpel maar effectief.
Mix in een kommetje: 3 eetlepels sojasaus, 1 eetlepel rijstazijn, 1 eetlepel honing of ahornsiroop, 1 theelepel sesamolie, en 1 theelepel maïzena opgelost in 2 eetlepels water. Dat is het basisrecept. Simpel maar zo lekker.
De maïzena in de saus is cruciaal. Het maakt de saus lekker dik en glanzend. Zonder maïzena blijft de saus waterig en glijdt alles van je ingrediënten af. Met maïzena krijg je die mooie coating die je ziet in Chinese restaurants. Wel eerst oplossen in koud water, anders krijg je klontjes.
Als alle groenten gaar zijn, giet je de saus over alles heen. Roer meteen goed door. De saus begint binnen 30 seconden te dicken. Voeg nu de krokante tofu en de geroosterde cashewnoten toe. Roer voorzichtig zodat de tofu niet uit elkaar valt.
Laat alles nog een minuut of twee op het vuur staan zodat de smaken kunnen vermengen. De tofu absorbeert een deel van de saus, de cashewnoten krijgen een mooie glans, en de broccoli is perfect gecoat. Dit is het moment waarop je keuken eruitziet als een professioneel restaurant.
Smaken aanpassen naar jouw voorkeur
Het mooie van dit recept is dat je het helemaal naar eigen smaak kunt maken. Mijn partner houdt van pittig eten, dus ik voeg vaak sambal of rode pepervlokken toe aan de saus. Voor de kinderen maak ik een mildere versie met extra honing.
Wil je het zoeter? Voeg meer honing toe. Meer zout? Extra sojasaus. Zuurder? Meer rijstazijn of een scheutje limoensap. Ik experimenteer elke keer een beetje. Vorige week deed ik er wat citroengras in en het was heerlijk. Niet traditioneel, maar wie zegt dat het traditioneel moet zijn?
Sommige mensen vinden rijstazijn moeilijk te vinden. Gewone witte azijn werkt ook, al is de smaak iets scherper. Of gebruik een paar druppels citroensap. Het gaat erom dat je die frisse, zure noot hebt die de zoete en zoute smaken balanceert.
Je kunt ook andere noten gebruiken. Pinda’s zijn goedkoper en werken prima. Amandelen geven een andere textuur. Walnoten zijn wat bitterder maar interessant. Ik blijf meestal bij cashewnoten omdat ze zo mooi zacht van smaak zijn. Ze overschaduwen de andere ingrediënten niet, zoals sommige noten kunnen doen.
Als je wat meer groenten wilt toevoegen, denk dan aan wat bij elkaar past. Paprika en broccoli gaan goed samen. Boontjes en worteltjes ook. Ik zou geen waterige groenten zoals tomaten gebruiken, die maken je stirfry te nat. Stevige groenten zijn het beste, vergelijkbaar met wat je zou gebruiken in een auberginerollade waar textuur ook belangrijk is.
Serveer je tofu-stirfry met broccoli en cashewnoten met rijst, noedels of gewoon zo. Ik maak vaak wat extra rijst zodat ik de volgende dag lunch heb. Deze stirfry smaakt namelijk de dag erna vaak nog lekkerder als alle smaken goed zijn doorgetrokken. Bewaar het wel in een afgesloten bakje in de koelkast, dan blijft het twee tot drie dagen goed.
Hoe je deze tofu-stirfry het beste kunt serveren
Nu je je perfecte stirfry hebt gemaakt, is het tijd om erover na te denken hoe je het serveert. Vorige week had ik vrienden te eten die nog nooit tofu hadden gegeten. Ik serveerde dit gerecht in mooie kommen met wat extra sesamzaadjes erover en ze waren helemaal weg van de presentatie. Soms maakt de manier waarop je iets serveert net zoveel uit als de smaak zelf.
De meest voor de hand liggende keuze is natuurlijk witte rijst. Jasmijnrijst is mijn favoriet omdat die licht geparfumeerd is. Maar bruine rijst is gezonder en geeft een nootachtige smaak die mooi past bij de cashewnoten. Ik kook altijd iets meer rijst dan ik nodig heb. Overgebleven rijst kun je de volgende dag gebruiken voor gebakken rijst, en dat is misschien nog lekkerder dan vers gekookte.
Noedels zijn ook een fantastische optie. Chinese eiernoodles, rijstnoedels, of zelfs gewone spaghetti werken allemaal prima. Mijn kinderen vinden noedels leuker dan rijst omdat ze makkelijker met een vork te eten zijn. Ik kook de noedels volgens de instructies op de verpakking en meng ze direct door de stirfry. De saus trekt mooi in de noedels en je hebt alles in één kom.
Als je een koolhydraatarm dieet volgt, kun je bloemkoolrijst gebruiken. Ik was hier eerst heel sceptisch over. Rijst gemaakt van bloemkool? Dat kan toch niet lekker zijn? Maar het werkt verrassend goed. Je maakt het door bloemkool fijn te raspen of te pulsen in een keukenmachine tot rijstkorrelgrootte. Bak het een paar minuten in de pan met wat olie en klaar.
Quinoa is ook een uitstekende keuze en bevat meer eiwit dan rijst. Het heeft een licht bittere smaak die goed contrasteert met de zoete saus. Ik spoel quinoa altijd eerst onder koud water voordat ik het kook. Dat haalt de bittere coating eraf. Het kookt in ongeveer 15 minuten en is dus perfect te timen met je stirfry.
Voor een echt feestelijke presentatie serveer ik de stirfry in individuele kommen met de rijst aan de ene kant en de stirfry aan de andere. Strooi er wat verse koriander of lente-ui overheen. Een schijfje limoen aan de kant ziet er mooi uit en geeft gasten de optie om wat frisheid toe te voegen. Dit zijn de kleine details die een doordeweeks gerecht transformeren naar iets bijzonders.
Leuke variaties die je kunt uitproberen
Dit recept is een uitstekend basisrecept waar je oneindig mee kunt variëren. Afgelopen winter had ik een fase waarin ik dit gerecht elke week maakte, maar steeds met kleine aanpassingen. Mijn partner begon grappen te maken dat ik een tofu-obsessie had. Hij had waarschijnlijk gelijk.
Een Thaise variant maak je door pindakaas aan de saus toe te voegen. Ongeveer twee eetlepels gladde pindakaas door de saus roeren samen met wat extra limoensap en een beetje vissaus (of vegetarische vissaus). Gebruik dan pinda’s in plaats van cashewnoten en voeg verse koriander toe bij het serveren. Mijn schoonmoeder, die uit Thailand komt, was verbaasd hoe dicht deze versie bij authentieke pad thai kwam.
Voor een Koreaanse twist vervang je de saus door gochujang (Koreaanse chilipasta) gemengd met sojasaus, sesamolie en honing. Dit wordt pittig, dus begin met een eetlepel gochujang en proef voordat je meer toevoegt. Serveer het met kimchi aan de kant. Ik ontdekte deze variant toen ik per ongeluk geen rijstazijn in huis had en improviseerde. Het werd mijn nieuwe favoriete versie.
Wil je het wat luxer maken? Voeg shiitake paddenstoelen toe. Die geven een heerlijk umami-smaak die bijna vleziger is dan vlees. Ik snij ze in plakjes en bak ze samen met de uien. Let op, paddenstoelen laten vocht los, dus je moet ze iets langer bakken tot al het water is verdampt. Het extra wachten is het meer dan waard.
Voor een Japanse versie gebruik je teriyaki-saus in plaats van de zelfgemaakte saus. Voeg wat edamame-boontjes toe voor extra eiwit en textuur. Strooi er gedroogde zeewier en sesamzaadjes overheen als je serveert. Mijn dochter noemt dit “de fancy versie” en vraagt erom als ze vriendjes heeft uitgenodigd.
Als je het wat meer als een complete maaltijd wilt serveren, voeg dan wat koolhydraten toe aan de stirfry zelf. Ik hak soms zoete aardappel in kleine blokjes en bak die mee met de broccoli. Het duurt iets langer om gaar te worden, maar de zoete aardappel voegt een heerlijke natuurlijke zoetheid toe. Dit maakt het een echt one-pot gerecht waar je verder niks bij nodig hebt.
Past deze stirfry in verschillende diëten?
Deze tofu-stirfry met broccoli en cashewnoten is van nature een heel flexibel gerecht. Laten we eens kijken hoe het past in verschillende eetpatronen. Dit is belangrijk voor mij omdat ik vaak vrienden heb met verschillende dieetwensen. Vorig jaar organiseerde ik een etentje waar iemand vegan was, een ander glutenvrij at, en weer een ander lactose-intolerant was. Dit gerecht redde mijn avond.
Voor een veganistisch dieet is dit gerecht bijna perfect. Het enige wat je moet aanpassen is de honing in de saus vervangen door ahornsiroop of agavesiroop. Dat is letterlijk het enige verschil. Tofu is plantaardig, alle groenten zijn plantaardig, en cashewnoten ook. Het gerecht zit vol met eiwit en voedingsstoffen zonder een greintje dierlijke producten.
Voor een glutenvrij dieet moet je even opletten met de sojasaus. Gewone sojasaus bevat tarwe en is dus niet glutenvrij. Maar tamari is een glutenvrije variant die bijna precies hetzelfde smaakt. Je vindt het bij elke grote supermarkt tegenwoordig. Ik gebruik persoonlijk altijd tamari omdat mijn zus coeliakie heeft. Dan kan ik hetzelfde gerecht maken voor iedereen zonder twee verschillende sauzen te hoeven maken.
Dit gerecht is automatisch lactosevrij omdat er geen zuivelproducten in zitten. Geen boter, geen melk, geen kaas. Voor mensen met lactose-intolerantie is dit dus een veilige keuze. Mijn vader kreeg vorig jaar te horen dat hij lactose-intolerant is en dit is een van de gerechten die hij regelmatig vraagt.
Voor een keto-dieet is dit gerecht minder geschikt vanwege de koolhydraten in de saus en de cashewnoten. Maar je kunt het aanpassen. Vervang de honing door een suikervervangers zoals erythritol. Skip de maïzena in de saus of vervang het door xanthaangom. Beperk de cashewnoten tot een kleine handvol. Serveer het met bloemkoolrijst in plaats van normale rijst. Dan heb je een keto-vriendelijke versie.
Als je een eiwitrijk dieet volgt, is dit gerecht al best goed. Maar je kunt het nog beter maken door extra tofu toe te voegen. Of meng edamame door de stirfry. Die bevatten nog meer eiwit dan cashewnoten. Ik doe dit zelf altijd na een workout in de sportschool. Mijn lichaam heeft dan extra eiwit nodig en deze stirfry geeft me precies dat zonder me zwaar te voelen.
Het Voedingscentrum heeft trouwens handige tips over slim koken waarbij je met simpele keuzes je maaltijden gezonder maakt. Zo leer je bijvoorbeeld hoe je makkelijk meer groenten in je gerechten verwerkt zonder dat het extra tijd kost. Dat past perfect bij hoe ik over dit gerecht denk, het is voedzaam zonder dat je er uren voor in de keuken hoeft te staan.
Variaties met verschillende groenten
Hoewel broccoli de ster is, kun je eigenlijk elke stevige groente gebruiken die je lekker vindt. Ik maak dit gerecht soms met bloemkool in plaats van broccoli. De smaak is iets milder maar de textuur is vergelijkbaar. Mijn zoon vindt bloemkool lekkerder dan broccoli, dus het is een win-win.
Snijbonen of sperziebonen zijn ook fantastisch. Snij ze in stukjes van ongeveer 4 centimeter en bak ze een minuutje langer dan broccoli. Ze blijven mooi knapperig en hebben een licht zoete smaak. In de zomer als verse boontjes op hun best zijn, maak ik deze variant minstens wekelijks.
Paprika’s voegen kleur en zoetheid toe. Ik gebruik graag een mix van kleuren, rood, geel en oranje. Groene paprika is iets bitterder, dat vind ik persoonlijk minder lekker in dit gerecht. Snij de paprika’s in repen en voeg ze toe op hetzelfde moment als de broccoli. Ze hebben ongeveer dezelfde kooktijd.
Courgette werkt ook, hoewel je moet oppassen dat het niet te waterig wordt. Snij de courgette in halve manen en voeg hem pas op het laatst toe, de laatste 2 minuten. Courgette wordt snel slap als je hem te lang bakt. Maar als je het goed timed, voegt het een mooie zachte textuur toe tussen alle knapperige elementen.
Pak groente is een gamechanger voor drukke avonden. Die voorverpakte zakjes met gesneden stirfry groenten uit de supermarkt. Ja, ze zijn iets duurder dan groenten zelf snijden. Maar op avonden dat ik om zes uur thuiskom en om half zeven wil eten, zijn ze goud waard. Gewoon de zak openscheuren en in de pan gooien. Klaar.
Maak het vooraf voor doordeweekse gemak
Een van de redenen waarom ik dit gerecht zo vaak maak is dat je het goed kunt voorbereiden. Zondagmiddag, als ik toch bezig ben in de keuken, bereid ik vaak de ingrediënten voor de hele week voor. Het scheelt zoveel tijd op drukke doordeweekse avonden.
Je kunt de tofu al persen en snijden tot drie dagen van tevoren. Leg de blokjes in een afgesloten bakje in de koelkast. Als je ze wilt bakken, dep je ze nog een keer droog met keukenpapier. Ze zijn al grotendeels ontwaterd, dus het gaat veel sneller dan normaal.
Alle groenten kun je ook van tevoren snijden. Broccoli blijft tot vier dagen goed in een afgesloten bakje. Uien, knoflook en gember blijven ook prima. Ik heb speciale glazen bakjes met verschillende compartimenten waar ik alles in bewaar. Dan hoef ik op doordeweekse avonden alleen maar te pakken en bakken.
De saus kun je maken en tot een week bewaren in de koelkast. Maak een dubbele of driedubbele portie. Schud het even goed voor gebruik omdat de maïzena kan bezinken. Deze truc gebruik ik ook voor andere gerechten. Eén keer alles klaarzetten bespaart me uren gedurende de week.
Je kunt zelfs het hele gerecht maken en invriezen. Ik doe dit niet vaak omdat verse stirfry zoveel lekkerder is, maar het werkt wel. Vries het in porties in en ontdooi het in de koelkast de avond ervoor. Verwarm het in een pan met een klein beetje water om het weer sappig te maken. De textuur is niet helemaal hetzelfde, maar op avonden dat je echt geen tijd hebt is het beter dan een kant-en-klare maaltijd uit de supermarkt.
Serveer het op verschillende manieren
Ik word nooit moe van dit gerecht omdat ik het steeds op een andere manier serveer. Soms maak ik er een rijstkom van met de stirfry in het midden en verschillende toppings eromheen. Gesnipperde nori, sesamzaadjes, extra cashewnoten, en een kwak sriracha-mayo. Dit ziet er spectaculair uit als je gasten hebt.
In de zomer eet ik het koud als een soort salade. Klinkt gek, maar probeer het eens. Laat de stirfry afkoelen en meng het met wat extra rijstazijn en sesamolie. Serveer het op een bedje van sla met verse muntvlaadjes. Het is verrassend verfrissend op warme dagen.
Je kunt er ook wraps van maken. Verwarm wat grote tortilla’s, schep de stirfry erin, en rol ze op. Mijn kinderen vinden dit geweldig voor hun lunchbox op school. Het is makkelijk te eten en ze kunnen het met hun handen oppakken. Veel beter dan brood met kaas voor de zoveelste keer.
Voor een feestelijk diner serveer ik het in individuele Chinese takeaway bakjes die je voor een paar euro kunt kopen. Iedereen krijgt zijn eigen bakje met eetstokjes. Het voelt speciaal zonder dat je extra moeite hoeft te doen. Mijn nichtje had laatst haar verjaardag en dit was het highlight van het feest.
Als je meer inspiratie zoekt voor lekkere vegetarische gerechten die net zo veelzijdig zijn als deze stirfry, neem dan zeker een kijkje bij onze collectie vegetarische gerechten waar je talloze ideeën vindt voor gezonde en smakelijke maaltijden.
Na alle tips, trucs en variaties hoop ik dat je net zo enthousiast bent over deze tofu-stirfry met broccoli en cashewnoten als ik. Het is meer dan zomaar een recept, het is een oplossing voor drukke avonden, een manier om meer groenten te eten, en een gerecht dat zelfs de grootste tofu-sceptici overtuigt.
Wat ik het fijnste vind is de flexibiliteit. Te weinig broccoli? Geen probleem, gebruik wat je hebt. Geen cashewnoten? Pinda’s werken ook. Geen tijd om tofu te persen? Spring die stap over en accepteer dat het iets minder krokant wordt. Dit recept vergeeft alles en smaakt toch altijd goed. Dat is precies het soort gerecht dat je nodig hebt in je leven.
Begin klein als je nog niet gewend bent aan koken met tofu. Maak het recept precies zoals ik beschreven heb. Als je het eenmaal onder de knie hebt, begin dan te experimenteren. Voeg je favoriete groenten toe, speel met de saus, probeer verschillende noten. Voor je het weet heb je je eigen versie gemaakt die perfect past bij jouw smaak. En dat is waar koken om draait, het maken van iets dat helemaal van jou is.
Veelgestelde vragen over tofu-stirfry
Wat is de beste manier om tofu te bewaren?
Ongeopende tofu kun je bewaren volgens de houdbaarheidsdatum op de verpakking, meestal in de koelkast. Zodra je het pakje opent, moet je de tofu gebruiken binnen 3 tot 5 dagen. Bewaar geopende tofu altijd in een afgesloten bakje met water en ververs dat water elke dag. Als de tofu zuur ruikt of een rare kleur krijgt, gooi het dan weg. Je kunt tofu ook invriezen tot 3 maanden, al verandert de textuur dan en wordt het meer sponsachtig.
Kan ik andere noten gebruiken dan cashewnoten?
Absoluut! Pinda’s zijn een geweldige en goedkopere vervanger. Geroosterde amandelen geven een knapperige bite, en walnoten voegen een interessante licht bittere smaak toe. Zelfs zonnebloempitten werken als je een notenallergie hebt. Rooster welke noot je ook kiest eerst even in een droge pan voor de beste smaak. Ik wissel vaak af afhankelijk van wat ik in huis heb. De stirfry smaakt elke keer net iets anders maar altijd lekker.
Is deze maaltijd geschikt voor mensen met lactose-intolerantie?
Ja, deze stirfry is volledig lactosevrij omdat er geen zuivelproducten in zitten. Tofu is gemaakt van sojabonen, niet van melk. Alle andere ingrediënten zijn ook plantaardig of komen niet van dieren. Dit maakt het een perfect gerecht voor mensen met lactose-intolerantie of een melkallergie. Je hoeft helemaal niks aan te passen aan het recept. Het is ook geschikt voor veganisten als je de honing vervangt door ahornsiroop.
Hoe kan ik zorgen dat mijn groenten niet slap worden in de stirfry?
Het geheim is hoge hitte en niet te lang bakken. Zorg dat je pan of wok goed heet is voordat je de groenten toevoegt. Bak in batches als je pan niet groot genoeg is, een overvolle pan laat groenten stomen in plaats van bakken. Roer regelmatig maar niet constant, groenten hebben contact met de hete pan nodig om knapperig te worden. Voeg groenten toe in de juiste volgorde, harde groenten eerst, zachte groenten later. En allerbelangrijkste: stop met bakken zodra de groenten beetgaar zijn, ze blijven nog even doorgaren na het vuur uit gaat.
Wat zijn goede zijgerechten om te combineren met deze stirfry?
Witte of bruine rijst is de meest voor de hand liggende keuze en past perfect bij de saus. Noedels zoals rijstnoedels of udon zijn ook heerlijk. Voor een lichtere optie kun je een eenvoudige komkommersalade maken met rijstazijn en sesamzaadjes. Gestoomde edamame aan de kant voegt extra eiwit toe. Of maak een simpele misosoep als voorgerecht. Persoonlijk vind ik dat de stirfry zelf al zo compleet is dat je er alleen rijst bij nodig hebt, maar het hangt af van hoe hongerig je bent.
Kan ik deze stirfry van tevoren maken en opwarmen?
Ja, maar verse stirfry is wel het lekkerst. Als je het van tevoren maakt, bewaar het dan in een afgesloten bakje in de koelkast tot 3 dagen. Verwarm het op middelhoog vuur in een pan met een klein scheutje water of bouillon om het weer sappig te maken. In de magnetron werkt ook, maar dan wordt de tofu minder krokant. Je kunt de componenten ook apart bewaren, de krokante tofu apart van de groenten en saus, en vlak voor het serveren samenvoegen. Dat houdt de texturen beter intact.
Welke soort tofu moet ik gebruiken voor dit recept?
Gebruik altijd stevige tofu of extra stevige tofu voor stirfry’s. Deze soorten behouden hun vorm tijdens het bakken en worden mooi krokant. Zachte of zijdezachte tofu is te waterig en valt uit elkaar als je probeert het te bakken. Je vindt stevige tofu bij elke supermarkt in het koelvak bij de vegetarische producten. Sommige pakjes staan aangegeven met “firm” of “extra firm” in het Engels. De biologische variant is vaak iets duurder maar heeft volgens mij een betere textuur.
Hoe weet ik of de tofu gaar is?
Tofu kun je eigenlijk rauw eten, dus “gaar” is niet echt een issue. Waar het om draait is het bereiken van de juiste textuur. Je wilt dat de buitenkant goudbruin en krokant is. Dit duurt ongeveer 12 tot 15 minuten in totaal bij middelhoog tot hoog vuur. De tofu is klaar als hij aan alle kanten een mooie bruine korst heeft en gemakkelijk loslaat van de pan. Als hij blijft plakken, is hij nog niet klaar. Wacht nog een minuutje voordat je hem omdraait.
Waarom wordt mijn tofu niet krokant?
Dit heeft meestal te maken met te veel vocht. Zorg dat je de tofu goed perst voordat je begint, minstens 15 minuten. Gebruik niet te veel olie maar ook niet te weinig, ongeveer 2 tot 3 eetlepels voor 400 gram tofu. Zorg dat de pan goed heet is voordat je de tofu toevoegt. En dit is cruciaal, raak de tofu niet te vaak aan tijdens het bakken. Laat hem rustig liggen zodat een korst kan vormen. De maïzena-truc die ik eerder beschreef helpt ook enorm voor extra krokant.
Kan ik dit gerecht glutenvrij maken?
Jazeker! Vervang gewone sojasaus door tamari, dat is een glutenvrije variant die vrijwel hetzelfde smaakt. Je vindt het bij de meeste supermarkten in het oosterse gangpad. Let op dat de maïzena die je gebruikt ook glutenvrij is, de meeste merken zijn dat maar check het even op het etiket. Alle andere ingrediënten in dit recept zijn van nature glutenvrij. Serveer het met rijst in plaats van noedels tenzij je speciale glutenvrije noedels hebt. Dan heb je een volledig glutenvrije maaltijd die iedereen lekker vindt.

Equipment
- Koekenpan of wok
- Snijplank
- Mes
- Kom
- Papieren handdoeken
Ingredients
- 400 g Stevige tofu
- 1 grote Broccoli of 2 kleinere
- 100 g Cashewnoten, ongezouten en ongebrand
- 2 stuks Uien
- 3 teentjes Knoflook
- 3 cm Verse gember
- 2-3 eetlepels Plantaardige olie bijvoorbeeld zonnebloem- of sesamolie
- 3 eetlepels Sojasaus
- 1 eetlepel Rijstazijn
- 1 eetlepel Honing of ahornsiroop
- 1 theelepel Maïzena
- 2 eetlepels Water
Instructions
- Pers de tofu tussen papieren handdoeken om overtollig vocht te verwijderen en laat dit 15-20 minuten staan.
- Snijd de tofu in blokjes van ongeveer 2 centimeter.
- Bestrooi de tofublokjes met maïzena en schud ze om te bedekken.
- Verhit een grote koekenpan of wok op middelhoog vuur en voeg 2-3 eetlepels olie toe.
- Voeg de tofublokjes toe aan de hete pan en bak ze 3-4 minuten zonder te roeren tot ze goudbruin zijn.
- Draai de blokjes om en bak de andere zijden gedurende 12-15 minuten tot ze krokant zijn.
- Haal de tofu uit de pan en laat deze op keukenpapier uitlekken.
- Snijd de broccoli in hapklare stukjes en de uien in halve ringen.
- Hak de knoflook en rasp of snijd de gember fijn.
- Rooster de cashewnoten in een droge pan tot ze lichtbruin zijn.
- Voeg de uien toe aan de pan en bak 2-3 minuten tot ze glazig zijn.
- Voeg knoflook en gember toe en bak nog 1 minuut.
- Voeg de broccoli toe en bak 5-6 minuten, roerend met een beetje water om te stomen.
- Meng in een kommetje de sojasaus, rijstazijn, honing, maïzena en water.
- Voeg de saus toe aan de groenten in de pan en roer goed door.
- Voeg de krokante tofu en geroosterde cashewnoten toe en laat nog 1-2 minuten warmen.