Peultjes en Sugar Snaps met Sesam-Sojasaus: Een Heerlijk Recept en Handige Tips

Peultjes en sugar snaps met sesam-sojasaus

Waarom ik verliefd ben op dit gerecht

Laat me je meenemen naar een doordeweekse avond bij mij thuis. Het is zes uur, ik kom net binnen na een lange dag, en de honger knort in mijn buik. Ik open de koelkast en zie een zakje groene peultjes en sugar snaps liggen. Binnen twintig minuten staat er een dampend bord peultjes en sugar snaps met sesam-sojasaus op tafel. De geur van geroosterde sesamolie vult mijn keuken. Dat eerste hapje? Knapperig, zoet en hartig tegelijk. Dit is het soort gerecht waar ik elke week naar uitkijk.

Wat dit recept zo bijzonder maakt? Het is bliksemsnel klaar, bomvol gezonde voedingsstoffen en de smaak is echt fantastisch. Je hebt geen ingewikkelde ingrediënten nodig en ook geen uren in de keuken. Perfect voor drukke dagen wanneer je toch lekker en voedzaam wilt eten. De combinatie van knapperige groenten met een glanzende, hartige saus werkt altijd. Echt altijd.

In dit artikel vertel ik je precies hoe ik dit gerecht maak. Je leert het verschil tussen peultjes en sugar snaps kennen, ontdekt waarom ze zo gezond zijn, en krijgt mijn beste tips voor de perfecte bereiding. Ook beantwoord ik veelgestelde vragen zoals hoe lang je sugar snaps moet wokken en welke kruiden het beste passen bij deze groenten. Aan het einde van dit artikel kun jij dit gerecht net zo lekker maken als ik.

Wat zijn peultjes en sugar snaps precies?

Beide groenten zie je vaak naast elkaar liggen in de supermarkt. Ze lijken op elkaar, maar zijn toch anders. Ik merk dat mensen regelmatig door elkaar halen wat nu precies wat is. Tijd om dat op te helderen.

Het verschil tussen peultjes en sugar snaps

De vraag “wat is het verschil tussen peultjes en sugar snaps” krijg ik regelmatig. En het is een goede vraag, want ze lijken inderdaad veel op elkaar. Maar als je ze goed bekijkt en proeft, zijn er duidelijke verschillen.

Peultjes zijn de platte, dunne variant. Ze hebben gladde peulen die bijna doorzichtig lijken als je ze tegen het licht houdt. De erwten binnenin zijn klein en nauwelijks zichtbaar. De textuur is zachter en delicater. Wanneer je ze bereidt, worden ze snel gaar. Je hoeft ze maar een paar minuten te bakken of te wokken. De smaak is licht zoet en fris.

Sugar snaps daarentegen zijn dikker en robuuster. Ze hebben een duidelijk ronde vorm waarbij je de erwten binnenin goed kunt zien en voelen. De peul is steviger en knapperiger. Zelfs na het koken blijven ze hun bite behouden. Dat knapperige geluid wanneer je erin bijt? Dat is waar sugar snaps om bekend staan. Hun smaak is iets zoeter dan die van peultjes.

Beide groenten behoren tot de erwten familie. Bij allebei eet je de hele peul op, inclusief de erwten binnenin. Je hoeft ze dus niet te doppen zoals bij gewone doperwten. Dat scheelt een hoop werk in de keuken.

Mijn persoonlijke voorkeur? Ik vind het lastig om te kiezen. Voor dit gerecht met sesam-sojasaus gebruik ik graag een mix van beide. De zachte textuur van peultjes combineert perfect met de knapperige bite van sugar snaps. Samen geven ze het gerecht meer diepte en interessante textuurverschillen. Maar als ik moet kiezen, ga ik toch voor sugar snaps. Die extra knapperigheid maakt het eten leuker.

Waarom deze groenten zo gezond zijn

Peultjes en sugar snaps zijn niet alleen lekker, ze zitten ook vol goede voedingsstoffen. Als je bewust bezig bent met gezond eten, zijn dit geweldige toevoegingen aan je menu.

Beide groenten bevatten nauwelijks calorieën. Een flinke portie van honderd gram bevat maar ongeveer veertig calorieën. Tegelijkertijd krijg je wel een vol gevoel, dankzij de vezels. Perfecte keuze als je op je gewicht let zonder honger te willen lijden.

Vezels zijn belangrijk voor je spijsvertering. Ze helpen je darmen gezond te houden en zorgen voor een vol gevoel. Peultjes en sugar snaps leveren een flinke portie vezels per maaltijd. Dit helpt ook om je bloedsuikerspiegel stabiel te houden. Je krijgt geen energiedipje een uur na het eten.

De vitamines in deze groenten zijn indrukwekkend. Ze zitten vol vitamine C, wat goed is voor je afweersysteem en je huid. Ook vitamine K vind je er veel in terug. Die helpt bij de bloedstolling en is belangrijk voor sterke botten. Vitamine A zit er ook in, wat goed is voor je ogen en gezichtsvermogen.

Laten we niet de mineralen vergeten. IJzer voor je bloed, kalium voor je hart en bloeddruk, magnesium voor je spieren en zenuwstelsel. Dit zijn allemaal stoffen die je lichaam dagelijks nodig heeft. En je krijgt ze binnen via een heerlijk gerecht in plaats van saaie supplementen.

Wat ik zo mooi vind aan groenten is dat ze vol antioxidanten zitten. Dit zijn stoffen die je cellen beschermen tegen schade. Peultjes en sugar snaps bevatten verschillende soorten antioxidanten die ontstekingen in je lichaam kunnen verminderen.

De eiwitten in deze groenten zijn ook niet te vergeten. Hoewel ze geen hoogwaardige eiwitbron zijn zoals vlees of vis, dragen ze wel bij aan je dagelijkse eiwitinname. Vooral als je ze combineert met andere voedingsmiddelen zoals rijst of noedels krijg je een goede balans.

Hoe passen ze in een evenwichtig dieet? Heel makkelijk eigenlijk. Ze tellen mee als je dagelijkse portie groenten. De Schijf van Vijf adviseert minimaal tweehonderd gram groenten per dag. Een portie van dit gerecht brengt je een flink stuk dichter bij dat doel. Combineer ze met volkoren rijst of quinoa en een eiwitbron zoals tofu, kip of vis. Dan heb je een complete, gezonde maaltijd.

Ik eet dit gerecht minstens twee keer per maand. Soms vaker als het seizoen ervoor is. Het voelt goed om te weten dat ik iets eet dat niet alleen heerlijk smaakt, maar ook echt iets goeds doet voor mijn lichaam. Geen schuldgevoel, alleen maar genieten.

Een extra voordeel is dat deze groenten makkelijk te verteren zijn. Zelfs mensen met een gevoelige maag kunnen ze meestal goed verdragen. Ze liggen niet zwaar en je voelt je niet opgeblazen na het eten. Perfect voor een avondmaaltijd wanneer je niet te vol naar bed wilt gaan.

Bereidingstips voor peultjes en sugar snaps

Nu je weet hoe gezond deze groenten zijn, is het tijd om ze lekker te maken. En dat is het mooie: de bereiding is super eenvoudig. Maar er zijn wel een paar trucjes die het verschil maken tussen een prima gerecht en een echt geweldig gerecht. Ik deel alles wat ik heb geleerd.

De juiste bereidingstechniek

De belangrijkste regel bij het bereiden van peultjes en sugar snaps? Niet te lang koken. Ik heb in het begin deze fout zelf ook gemaakt. Ik dacht dat groenten altijd lang moesten garen. Het resultaat was een slap, kleurloos gerecht zonder bite. Niet lekker.

Hoe lang moet ik sugar snaps wokken? Dit is een vraag waar ik heel duidelijk over kan zijn. Sugar snaps hebben maar twee tot drie minuten nodig in een hete wok. Echt waar, niet langer. Die drie minuten zijn genoeg om ze warm te krijgen en dat beetje karamelisatie aan de buitenkant te krijgen. Ze blijven lekker knapperig en behouden hun frisse groene kleur.

Het geheim zit hem in het voorverwarmen van je wok of pan. Zorg dat die echt goed heet is voordat je de groenten erbij doet. Ik test dit altijd door een druppel water in de pan te doen. Als het meteen sist en verdampt, is de pan klaar. Dan gooi ik eerst een scheut olie erin, laat die even ronddraaien, en dan pas komen de sugar snaps erbij.

Bij het wokken beweeg je de groenten constant. Hou ze in beweging met een houten lepel of wokspatel. Zo krijgen ze overal gelijkmatig hitte en verbrand er niks. De beweging zorgt ook voor die typische wokgeur die je in Chinese restaurants ruikt. Dat komt door het snelle garen op hoge temperatuur.

Voor peultjes geldt een iets langere bereidingstijd. Hoe lang moet ik peultjes bakken? Ongeveer vier tot vijf minuten is voldoende. Ze zijn iets delicater dan sugar snaps en hebben net dat minuutje extra nodig om door en door warm te worden. Maar ook hier geldt: liever iets te knapperig dan te slap.

Wanneer ik beide groenten tegelijk bereid, voeg ik de peultjes altijd eerst toe. Ze krijgen twee minuten voorsprong. Daarna gaan de sugar snaps erbij voor de laatste drie minuten. Zo zijn ze precies tegelijk gaar. Een beetje timing in de keuken kan wonderen doen. Net zoals bij geroosterde spruitjes, waar de timing ook cruciaal is.

Wil je ze koken in plaats van wokken? Dat kan ook, maar dan moet je echt opletten. Breng een pan met water aan de kook. Voeg een snufje zout toe. Gooi de groenten erin en kook ze maximaal twee minuten. Giet ze daarna meteen af en spoel ze onder koud water. Dit stopt het kookproces. Deze techniek heet blancheren en werkt prima als voorbereiding voordat je ze in de saus mengt.

Stomen is ook een optie die ik regelmatig gebruik, vooral wanneer ik gezonder wil eten zonder toegevoegde olie. Zet water op in een pan met een stoommand erboven. De groenten gaan in de stoommand en krijgen drie tot vier minuten. Ze blijven hun voedingsstoffen beter behouden dan bij koken.

Kruiden en smaakmakers

Oké, je groenten zijn perfect gebakken. Maar nu komt het leuke: welke smaken voeg je toe? Welke kruiden over peulen? De mogelijkheden zijn eindeloos, en dat is precies wat ik zo leuk vind aan dit gerecht.

Mijn absolute favoriet is een combinatie van verse knoflook en gember. Dit duo geeft zoveel smaak dat je verder bijna niks meer nodig hebt. Ik snijd twee teentjes knoflook heel fijn en rasp een stukje verse gember van ongeveer twee centimeter. Die voeg ik toe aan de hete olie voordat de groenten erbij gaan. Even bakken tot je de geur ruikt, dan meteen de groenten erbij. Anders verbrand de knoflook en wordt het bitter.

De gember geeft een frisse, licht scherpe smaak die perfect past bij de zoete sugar snaps. De knoflook zorgt voor diepte en een hartige ondertoon. Samen maken ze het gerecht compleet. Serieus, probeer dit. Je bent me dankbaar.

Andere kruiden die fantastisch werken zijn:

  • Koriander – Gebruik zowel verse korianderblaadjes als het garnering, als korianderpoeder tijdens het bakken. De frisse, citrusachtige smaak past perfect bij Aziatische gerechten.
  • Komijn – Een half theelepeltje komijnzaad geeft een warme, aardse smaak. Bak het zaad even in de olie voordat je de groenten toevoegt.
  • Sesamzaad – Rooster dit kort in een droge pan tot het goudbruin is. Strooi het over het eindgerecht. De nootachtige smaak is verslavend.
  • Citroengras – Als je echt wilt experimenteren, probeer dan een stengel fijngehakte citroengras. Dit geeft een exotische twist.
  • Rode peper – Voor wie van pittig houdt. Een half teentje fijngehakt is voldoende voor een beetje warmte.

Soms gebruik ik ook wat Chinese vijfkruidenmix. Dit is een mix van steranijs, kruidnagel, kaneel, Sichuanpeper en venkelzaad. Klinkt misschien gek bij groenten, maar het werkt verrassend goed. Een klein beetje is genoeg, het is intens.

Voor een mediterrane draai kun je overwegen om knoflook te combineren met citroenrasp en tijm, zoals ik ook doe bij ratatouille. Het geeft een totaal andere richting aan het gerecht, maar blijft super lekker.

Vergeet het zout niet. Ik voeg altijd pas op het einde zout toe, nooit tijdens het bakken. Anders trekken de groenten vocht en worden ze slap. Een flinke snuf zeezout vlak voor het serveren brengt alle smaken naar voren.

Het maken van de sesam-sojasaus

Dit is waar de magie echt gebeurt. Een goede saus kan een simpel gerecht transformeren naar iets waar je gasten om vragen. En het mooie is: deze saus maak je in letterlijk twee minuten.

De basis bestaat uit vier ingrediënten. Simpel toch? Hier is wat je nodig hebt:

  • Drie eetlepels sojasaus – Gebruik bij voorkeur een goede kwaliteit. Ik ga meestal voor een Japanse sojasaus omdat die iets milder en zoeter is dan de Chinese variant.
  • Een eetlepel sesamolie – Donkere geroosterde sesamolie heeft de meeste smaak. Dat nootachtige aroma maakt het verschil.
  • Een eetlepel honing of ahornsiroop – Dit balanceert de ziltigheid van de sojasaus. Gebruik ahornsiroop als je veganistisch eet.
  • Een snufje chilivlokken – Voor een beetje pit. Begin met een kwart theelepeltje en voeg later meer toe als je van pittig houdt.

Zo maak je de saus. Pak een klein kommetje. Gooi alle ingrediënten erin. Roer goed door elkaar met een vork of garde tot alles gemengd is. Dat is het. Echt waar.

Nu komt het proeven en aanpassen. Dit is het leuke deel. Neem een lepeltje en proef. Te zout? Voeg wat extra honing toe. Te zoet? Een scheutje extra sojasaus. Wil je het pittiger? Meer chilivlokken. De perfecte saus is persoonlijk. Wat ik lekker vind, vind jij misschien te zout of te zoet.

Een tip die ik van een vriend uit Hong Kong heb geleerd: voeg een paar druppels rijstazijn toe aan de saus. Dat geeft een frisse, licht zure toets die het gerecht extra dimensie geeft. Probeer het eens met een theelepeltje en kijk of je het lekker vindt.

Soms voeg ik ook een heel klein beetje vers geraspte gember toe aan de saus zelf. Dit intensifieert die frisse gingersmaak nog meer. Of een halve teentje fijngeperste knoflook voor extra pit. Experimenteren mag altijd.

Wanneer voeg je de saus toe? Dat hangt af van je voorkeur. Ik doe het meestal op twee manieren. De eerste helft gooi ik over de groenten in de laatste minuut van het bakken. Dan kookt de saus in en krijg je een glanzende coating. De andere helft giet ik er direct overheen na het opdienen. Zo krijg je zowel smaak in de groenten als een lekkere saus eromheen.

Bewaar je saus over? Doe het in een goed afgesloten potje in de koelkast. Het blijft makkelijk een week goed. Handig voor de volgende keer. Of gebruik het als marinade voor geroosterde groenten of tofu.

Het mooie van deze saus is de veelzijdigheid. Ik gebruik dezelfde basis voor noedels, gebakken rijst, of zelfs als dressing over een salade. Eenmaal gemaakt heb je een go-to saus die bij zoveel dingen past.

Een laatste geheim: strooi er op het einde wat geroosterde sesamzaadjes overheen. Dit voegt niet alleen extra smaak toe, maar ook een mooie presentatie. Het oog wil tenslotte ook wat. Net zoals bij gegratineerde gerechten waar de finishing touch het verschil maakt.

Variaties en serving suggesties

Nu je de perfecte bereiding en saus onder de knie hebt, wordt het pas echt leuk. Want dit gerecht is zo veelzijdig dat je er eindeloos mee kunt variëren. Ik serveer het bijna nooit twee keer op dezelfde manier.

Andere manieren om peultjes en sugar snaps te serveren

Het mooie van peultjes en sugar snaps met sesam-sojasaus is dat ze overal bij passen. Echt waar, ik heb ze al op zoveel verschillende manieren geserveerd en elke keer was het een hit.

De meest voor de hand liggende optie is natuurlijk witte of bruine rijst. Ik kook meestal jasmijnrijst omdat die heerlijk geurig is. De dampende rijst samen met de knapperige groenten en die glanzende saus? Perfecte combinatie. Soms voeg ik wat cashewnoten of pinda’s toe voor extra crunch. Of ik meng er wat gewokte tofu doorheen voor extra eiwitten. Dan heb je echt een complete maaltijd zonder al te veel moeite.

Met noedels wordt het ook fantastisch. Ik gebruik graag dikke udon noedels of dunne rijstnoedels. Kook ze volgens de verpakking, giet ze af en roer ze door de groenten in de wok. Voeg wat extra sojasaus toe en je hebt binnen vijftien minuten een hartige noodle bowl. Laatst deed ik dit voor vrienden en ze vroegen meteen het recept. Dat zegt genoeg toch?

Als bijgerecht bij gevogelte is het ook geweldig. Een gegrilde kipfilet of kalkoenbiefstuk met deze groenten ernaast maakt elk bord feestelijk. Ik bak de kip meestal met wat gember en knoflook, dezelfde smaken als in de groenten. Zo krijg je een mooi samenhangend geheel op je bord. De zoete en hartige smaak van de saus past ook perfect bij eend. Misschien wat chique voor doordeweeks, maar voor een speciaal diner is het echt top.

Wat veel mensen niet verwachten: deze groenten zijn ook heerlijk bij vis. Gegrilde zalm of gebakken zeebaars met deze peultjes en sugar snaps ernaast. De frisse groenten balanceren de rijkheid van de vis. Ik maak dan vaak wat extra saus met wat citroensap erbij. Dat geeft een iets lichtere versie die beter bij vis past.

Voor een vegetarische maaltijd combineer ik ze vaak met tempé of extra stevige tofu. Die marineer ik eerst in wat sojasaus en sesamolie, bak ze knapperig en leg ze over de groenten heen. Strooi er wat verse koriander en limoenpartjes overheen. Dan heb je echt een restaurant-waardig gerecht zonder een gram vlees.

De veganistische variant is net zo makkelijk. Zorg gewoon dat je honing vervangt door ahornsiroop in de saus. Verder is alles al plantaardig. Ik voeg dan vaak wat edamamebonen toe voor extra proteïne. Die vind je tegenwoordig in elke supermarkt, vaak in de vriezer. Gooi ze er de laatste twee minuten bij en je hebt extra voedingswaarde.

Een andere favoriet van mij is om er een bowl van te maken. Dat is eigenlijk gewoon alles in één kom gooien, maar het ziet er fancy uit. Begin met een laagje quinoa of bruine rijst onderop. Daaroverheen de groenten met de saus. Voeg wat avocado toe, wat geroosterde sesamzaadjes, misschien wat kimchi als je van fermented food houdt. Garneer met verse koriander en bosui. Maak er een gekookt eitje bij en je hebt een Instagram-waardig gerecht. Niet dat dat belangrijk is natuurlijk, maar het oog wil ook wat.

Soms gebruik ik de groenten ook in wraps of pitabroodjes. Dat is ideaal voor lunch. Warm het brood even op, smeer er wat hummus in, voeg de groenten toe en rol het op. Makkelijk mee te nemen naar werk of op een picknick. Past perfect in een gezonde eetroutine zoals het RIVM aanbeveelt voor voldoende groenten per dag.

Een wat gekker idee dat ik een keer probeerde: in een omelet. Serieus. Bak de groenten eerst, klop drie eieren en giet die over de groenten in de pan. Laat stollen en je hebt een Aziatische twist op een klassieke omelet. Mijn vriend keek me eerst raar aan toen ik dit maakte, maar na het proeven was hij overtuigd.

Opslag en restjes

Oké, laten we eerlijk zijn. Soms maak je gewoon te veel. Of je wilt vooruit werken voor de volgende dag. Geen probleem, maar er zijn wel een paar dingen waar je op moet letten.

Het grootste probleem met restjes van dit gerecht is dat de groenten hun knapperigheid verliezen. Die mooie bite waar we het steeds over hebben? Die verdwijnt als je ze gewoon in de koelkast zet en later opwarmt. Ik heb dit de harde manier geleerd. Slap en waterig, echt niet lekker meer.

Mijn oplossing? Bewaar de groenten en de saus apart. Dat is het geheim. Doe de gebakken groenten in een luchtdichte container. De saus in een apart potje of bakje. Zo blijven de groenten droger en behouden ze meer van hun textuur. In de koelkast blijven ze twee tot drie dagen goed.

Voor het opwarmen gebruik ik nooit de magnetron. Echt nooit. Die maakt alles slap en rubberachtig. Pak in plaats daarvan weer je wok of een koekenpan. Doe er een klein scheutje olie in, laat het heet worden en gooi de groenten erin. Bak ze een minuut of twee op hoge temperatuur. Ze krijgen zo weer een beetje van die knapperigheid terug. Voeg pas op het laatste moment de saus toe en roer goed door. Dit werkt veel beter dan je zou denken.

Wil je echt vooruit werken? Bereid dan de groenten tot net voor het bakken. Spoel ze, haal de steeltjes eraf en bewaar ze in een plastic zak met wat keukenpapier erin. Het papier absorbeert overtollig vocht en houdt ze langer vers. Zo kun je de eigenlijke bereiding uitstellen tot je echt gaat eten.

De saus kun je prima een week van tevoren maken. Sterker nog, ik maak vaak een dubbele portie en bewaar de helft voor later. In een afgesloten potje in de koelkast blijft het minstens tien dagen goed. Misschien zelfs twee weken, maar zo lang duurt het bij mij meestal niet voordat het op is.

Kan je dit gerecht invriezen? Technisch wel, maar ik raad het niet echt aan. De textuur van de groenten verandert te veel door het ontdooien. Ze worden echt slap en verliezen hun knapperigheid compleet. De smaak blijft wel oké, maar de ervaring van het eten wordt gewoon minder. Als je toch wilt invriezen, doe het dan in porties en gebruik het binnen twee maanden.

Een handige tip die ik van mijn moeder leerde: voeg bij het opwarmen een paar verse, rauwe sugar snaps toe. Ongeveer een handvol. Die meng je door de opgewarmde groenten in de laatste dertig seconden. Zo krijg je weer wat van die frisse crunch terug. Een beetje cheaten, maar het werkt.

Restjes zijn ook perfect voor een roerbakschotel de volgende dag. Gooi er wat verse groenten bij zoals paprika of broccoli. Voeg wat gekookte rijst of noedels toe. Bak het allemaal samen met een ei erdoor en je hebt een compleet nieuwe maaltijd. Niemand merkt dat je restjes hebt gebruikt.

Wat ik ook regelmatig doe: de overgebleven groenten gebruiken in een salade. Laat ze eerst afkoelen tot kamertemperatuur. Meng ze door wat verse sla, rucola of spinazie. Voeg wat geroosterde pijnboompitten toe en misschien wat feta. De saus die erbij hoort gebruik je als dressing. Een koude versie van het gerecht die verrassend lekker is, vooral in de zomer.

Als je meer wilt experimenteren met bijgerechten en groenten, kijk dan zeker eens bij onze andere inspirerende groenten en bijgerechten recepten voor nog meer variatie.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen peultjes en sugar snaps?

Peultjes zijn plat en dun met kleine erwten binnenin, terwijl sugar snaps dikker en ronder zijn met duidelijk zichtbare erwten. Sugar snaps zijn knapperiger en zoeter, peultjes zijn zachter en delicater. Beide kun je helemaal opeten inclusief de peul. Voor dit gerecht gebruik ik graag een mix van beide voor interessante textuurverschillen. Ze behoren allebei tot de erwten familie maar smaken net even anders.

Hoe lang moet ik sugar snaps wokken?

Twee tot drie minuten in een goed hete wok is voldoende voor sugar snaps. Langer bakken maakt ze slap en ze verliezen hun mooie groene kleur. Het geheim is een zeer hete pan voorverwarmen en de groenten constant in beweging houden. Ze moeten knapperig blijven met net een beetje karamelisatie aan de buitenkant. Te lang wokken vernietigt ook de vitamines en voedingsstoffen die je juist binnen wilt krijgen.

Welke kruiden over peulen?

Verse knoflook en gember zijn mijn absolute favorieten bij peultjes en sugar snaps. Verder werken koriander, komijn, sesamzaad en rode peper ook fantastisch. Chinese vijfkruidenmix geeft een interessante draai aan het gerecht. Voor een mediterrane variant kun je tijm, citroenrasp en knoflook proberen. Begin altijd met kleine hoeveelheden en proef tussendoor, je kunt altijd meer toevoegen maar niet minder.

Hoe lang moet ik peultjes bakken?

Peultjes hebben ongeveer vier tot vijf minuten nodig in een hete pan. Ze zijn iets delicater dan sugar snaps en hebben dat extra minuutje nodig. Bak ze op hoog vuur en blijf roeren voor een gelijkmatige garing. Als je beide groenten tegelijk maakt, voeg dan de peultjes twee minuten eerder toe dan de sugar snaps. Ze moeten nog steeds een beetje bite houden en niet helemaal slap worden.

Kan ik diepvries peultjes en sugar snaps gebruiken?

Ja, dat kan zeker en is vaak zelfs makkelijker voor doordeweeks koken. Diepvriesgroenten zijn direct na de oogst ingevroren dus de voedingsstoffen blijven goed bewaard. Je hoeft ze niet te ontdooien, gooi ze direct bevroren in de hete wok. Ze hebben misschien een minuutje langer nodig dan verse groenten. De textuur is wel iets anders, iets minder knapperig, maar voor een snelle maaltijd absoluut goed genoeg.

Is dit gerecht geschikt voor kinderen?

Absoluut, kinderen vinden de zoete smaak van sugar snaps vaak heerlijk. De knapperige textuur maakt het eten ook leuker voor ze. Als je kind niet van pittig houdt, laat dan de chilivlokken weg uit de saus. Je kunt ze het gerecht laten helpen maken, kinderen eten vaak beter als ze mee hebben geholpen. Serveer het met iets bekends zoals rijst of kip en ze zullen het waarschijnlijk geweldig vinden.

Kan ik de saus van tevoren maken?

Ja, de sesam-sojasaus kun je prima een week van tevoren maken. Bewaar het in een goed afgesloten potje in de koelkast. Roer het goed door voordat je het gebruikt want de olie kan bovenop gaan drijven. Sommige mensen maken zelfs een grote batch en gebruiken het voor verschillende gerechten door de week. De smaak wordt eigenlijk alleen maar beter als de ingrediënten wat tijd hebben om te mengen.

Wat als ik geen sesamolie heb?

Je kunt gewone olie gebruiken en wat extra sesamzaadjes toevoegen voor de smaak. Geroosterde sesamolie heeft wel echt die typische nootachtige smaak die het gerecht bijzonder maakt, dus ik raad aan om het te kopen. Een flesje gaat lang mee en kost niet veel. Als alternatief werkt ook een combinatie van olijfolie met wat geroosterde sesamzaadjes die je kort in de pan bakt.

Hoe weet ik of sugar snaps nog vers zijn?

Verse sugar snaps zijn helder groen en stevig, ze breken met een knapperend geluid als je ze doorbuigt. Als ze slap aanvoelen of bruine vlekken hebben zijn ze over hun datum. Je kunt de erwten binnenin voelen door de peul, die moeten stevig zijn. Verse exemplaren hebben ook geen vochtige of slijmerige plekken. In de koelkast blijven ze ongeveer vijf dagen goed, bewaar ze in de groentelade in een plastic zak.

Is sojasaus glutenvrij?

Normale sojasaus bevat gluten omdat het gemaakt is van tarwe. Als je glutenvrij wilt eten, gebruik dan tamari of speciale glutenvrije sojasaus. Die vind je in de meeste supermarkten tegenwoordig. De smaak is iets anders maar werkt prima in dit gerecht. Let ook op dat sommige merken minder zout zijn dan andere, dus proef goed en pas aan. Voor mensen met coeliakie is dit echt belangrijk om op te letten.

En zo kom ik aan het einde van alles wat ik je wilde vertelen over dit heerlijke gerecht. Van het uitzoeken van de perfecte groenten tot het maken van die verslavende sesam-sojasaus, je hebt nu alles in handen om dit thuis na te maken. Hopelijk heb je net zoveel plezier in het bereiden en eten ervan als ik elke keer weer heb. Durf te experimenteren met verschillende kruiden, pas de saus aan naar jouw smaak en maak er je eigen versie van. Dat is het mooie van koken, toch? Je neemt een basis en maakt er iets van dat helemaal van jou is. Ik hoop dat je net zoveel plezier hebt in het maken van dit gerecht als ik altijd heb!

Peultjes en sugar snaps met sesam-sojasaus

Peultjes en sugar snaps met sesam-sojasaus

Ontdek hoe je Peultjes en sugar snaps met sesam-sojasaus bereidt! Een snel, gezond gerecht vol smaak en knapperigheid. Simpel en heerlijk.
Prep Time: 10 minutes
Cook Time: 5 minutes
Total Time: 15 minutes
Servings: 4 personen
Calories: 85kcal
Cost: $8

Equipment

  • Wok of grote pan
  • Houten lepel of spatula
  • Klein kommetje
  • Rasp
  • Verwarmde olie voor het bakken

Ingredients

  • 200 g Peultjes
  • 200 g Sugar snaps
  • 3 el Sojasaus (bij voorkeur Japanse kwaliteit)
  • 1 el Sesamolie (donkere geroosterde variant)
  • 1 el Honing of ahornsiroop (voor vegan optie)
  • 1 snufje Chilivlokken naar smaak
  • 2 teentjes Knoflook (fijngehakt)
  • 2 cm Verse gember (geraspt)
  • 1 scheutje Olie voor het bakken
  • 1 snufje Zout naar smaak
  • naar smaak Geroosterde sesamzaadjes voor garnering

Instructions

  • Was de peultjes en sugar snaps en snijd de uiteinden eraf.
  • Bereid je wok of pan voor door deze goed te verhitten met een scheutje olie.
  • Voeg de knoflook en gember toe aan de hete olie en bak kort tot geurige aroma's vrijkomen.
  • Voeg de peultjes toe en bak ze 2 minuten.
  • Voeg de sugar snaps toe en bak in totaal 3 tot 4 minuten, blijf constant roeren.
  • Meng in een klein kommetje de sojasaus, sesamolie, honing (of ahornsiroop) en chilivlokken.
  • Voeg de saus toe aan de groenten in de laatste minuut van het bakken en roer goed door.
  • Breng op smaak met zout en strooi geroosterde sesamzaadjes over het gerecht voor het serveren.

Notes

Voor extra smaak, experimenteer met kruiden zoals koriander, komijn of rode peper. Deze groenten kunnen het beste vers gegeten worden, maar als je restjes hebt, bewaar ze dan apart van de saus om hun knapperigheid te behouden. De saus kan tot een week van tevoren gemaakt worden en is ook heerlijk als marinade voor andere groenten of tofu.

Nutrition

Calories: 85kcal | Carbohydrates: 13g | Protein: 4g | Fat: 3g | Saturated Fat: 0.5g | Sodium: 380mg | Potassium: 300mg | Fiber: 4g | Sugar: 5g | Vitamin A: 800IU | Vitamin C: 30mg | Calcium: 30mg | Iron: 1mg
Tried this recipe?Let us know how it was!

Leave a Comment

Recipe Rating